Vriend Robbie was er al drie maanden, maar Gaar kon natuurlijk niet achterblijven en vertrok ook richting aloha, bloemenkransen en buikdansende schonen. Naar Hawaii dus welteverstaan. De relaxheid omklemt je al bij aankomst, maar duur is het er wel. Vooral op Kauai, het tweede eiland van het bezoek. Kortom we moesten dus geld besparen. Dat werd dus het meest shabby'est hostel wat er was. Met z'n tween in een krap tweepersoonsbed.

Onderweg naar de South side van Kaui... Het is er bijna verlaten, bijna geen surfers, maar wel veel haaien. Een uitstekende plek voor een korte surfsessie dus. Onderweg tikte ik nog even een paar nieuwe Vans op de kop. En na een fijn potje surfen liep ik even terug voor een broodje uit de auto. De volgende scne speelde zich vervolgens af:

Gaar: He Rob, hier is je broodje. Maar je rijbewijs lag helemaal door de auto

Robbie: Huh, nou ik ga wel even kijken.

Robbie(terug): Hee, ze hebben in de wagen gezeten en je nieuwe schoenen zijn gejat. Haha!

Gaar: Wat?! Godverdomme. Ligt me camera d'r nog? Effe kijken.

Gaar(terug): Hee, Rob, je ouwe surfboard hebben ze ook meegenomen! Ha ha!

Rob: Godverdomme. Effe kijken.

Nou, buiten een paar Vans in doos, het ouwe surfboard van Rob en nog wat surfspulletjes was er verder niks gejat. De camera lag er zelfs nog open en bloot. Gelukkig zat er dus nog een beetje aloha in de flikker van deze surfcriminelen.

Als slimme Nederlanders zijnde werd dit dus een kwestie van de verzekering en daarvoor heb je een proces verbaal nodig. Op naar het politie bureau dus. Dit was een klein houten gebouwtje, maar onbemand. Om oom agent er naar toe te krijgen moest je een hoorn opnemen die buiten aan de deur hing.

Even later arriveerde zoals verwacht een zeer vlezige Hawaiiaanse police officer. De gehele situatie in ogenschouw nemend, vondt hij het noodzakelijk om vingerafdrukken te nemen. Ja, ja van een huurauto, die we net drie dagen in bezit hadden. Afgezien dat dit een leuk scala aan vingerafdrukken opleverde liet meneer abusievelijk ook nog zijn potje zwart poeder vallen in de auto. Van dat inktzwarte houtskool poeder dat je nooit meer uit de bekleding krijgt. Maar goed, na wat papierwerk mochten we gaan. Gniffelend op weg naar het hostel dus maar weer.

De volgende ochtend werd er op onze 'love shack' geklopt. Enigszins beschaamd door de situatie van twee volwassen kerels in ondergoed, net uit bed, deden we open. Een man op leeftijd stelde zich voor als Robert Leary, officieel vertegenwoordiger van het Kauai Tourist Office.

Mmh, okay. Na wat aangetrokken te hebben begon deze man zijn oprechte excuses aan te bieden namens alle mensen van Kauai. Onze situatie was uiterst betreurenswaardig en volgens hem kwam dit bijna nooit voor. Wij dachten gelijk aan een leuke rechtszaak - immers, we zijn op het grondgebeid van de Verenigde Staten, nietwaar? Maar eerlijk gezegd wilde zo snel mogelijk van deze beste man af komen. Een poging om uit te leggen dat we de auto niet op slot hadden gezet mocht niet baten. Ook het feit dat we verzekerd waren en dat we bovendien uit Amsterdam kwamen, niet de minste stad als het gaat om auto-inbraken, lukte niet om het enthousiasme van deze man te temperen. Er was geen speld tussen te krijgen. Alles zou in het werk worden gesteld om onze spullen terug te krijgen. Erg leuk allemaal, maar het liefst wilden we zo snel mogelijk gaan ontbijten na al dit geleuter.

De volgende ochtend werd er weer geklopt. Het zal toch niet weer? - Ja dus. Nog even enthousiast bleek Robert kortingen geregeld te hebben bij surfshops en de Footlocker zodat we nieuwe schoenen en een board konden kopen. Dat was natuurlijk bijzonder aardig. Maar de emotionele waarde van onze spullen kon natuurlijk nooit vervangen worden en zeker niet tegen die Monte Carlo prijzen bij de grootwinkelketens.

Eigenlijk begonnen we wel een beetje gesteld te raken op de bezoekjes van onze Robert. Dus toen er de derde dag werd geklopt waren we al aangekleed, stond de koffie klaar en kon Robert Leary gezellig aanschuiven. Deze keer had hij zowaar iets nuttigs gefixed voor ons. Een $40 waardebon, die in de plaatselijke Hilton ingewisseld kon worden tegen cocktails en andere geneugten.
En zo kwam het dat wij s'middags in het marmeren geweld van het Hilton zwembad, mt bronzen leeuwen die het water lekker uit hun mond lieten kletteren aan de Kahlua-cola's zaten. En het werd een fijne middag in deze poel van jolijt. Eind goed, al goed zeg ik dan!



txt + pics Sander Gaarenstroom