Als bijna dagelijkse bezoeker van een in de hoofdstad gevestigd filiaal van de rood-geel-blauwe prijzenkraker heb ik flink wat mooie personages de revue zien passeren.

Zo is daar "Bernhard", een van origine Duitse alcoholist (keurig geschoren, petje, paardestaart) die aan iedereen eeeeeeennn doebeltje vraagt zodat hij de zestig kan volmaken voor zo'n heerlijke halve liter Grafenwalder.
Nooit is het bier voor hemzelf (iek drink niet, zooooon kedoe) maar voor een zielige kameraad aan het Oostfront, een arme straatkat die per ongeluk bier drinkt in plaats van melk , of voor een kroeg om de hoek waar het bier op is en ze aan hem gevraagd hebben of hij even een blik voor een klant wil halen...
De laatste keer dat ik hem een doebeltje gaf, was nadat hij mij vertelde dat hij zat kleingeld had, "maar dat liegt ien main Saab Cabrio die net door de Parkierdiensjt ist wekkesleppt, menier!"
Hij zit vol gouden tips over hoe men simpel aan geld kan komen: " Lege flasche Spa, touwtje om de halz, en dan twientik, dreizig mahl in die flaschemachine en op zeit zuruckziehen! Maar dan wel bei Dierk, want bei die scheissLidl nemen ze nur eigen flasche! Pieppieppiep!"
Maar toen sloeg de overmoed toe: "Krat gevonden, naar Dierk (scheissLidl heeft wier aigen krattn!), touw er aan, paar lege flaschen met wasser erien voor het correcte kewiegt, en zuruckziehen, undsoweiter. Bonnetje zweihunderd goelden, gaan die klootzahkkn akter kaiken, geeeeen krat te zien, want die heb iek gewoon onder main arm. Zaak rausgeschmissen! Nazi's!"

Op een keer in de rij werden wij opzij gebeukt door een typische Beethovenstraat Bitch: geruite drollenvanger aan, blond uit een potje, lamswollen trui, Sherlock Holmes pet op en Pringle kniekousen met gelakte instappers met gouden gesp. Iets teveel make-up, iets teveel jachthaven Oud Leusden in de kraaienstem, iets te weing hersens, maar net genoeg om een arts of jurist aan de haak te slaan.

Sorry, sorry, sorry, khebhaast, dubbel geparkeerd, green time over twintig minuten, sorry, sorry. Vooraan gebeukt pleurt ze twee flessen olijfolie (want goed getest door de Consumentenbond en maar 5 piek per fles) op de rolband.

De cassiere (struise Surinaamse) wept haar een harde blik toe en sist: achteraan sluiten, mevrouwtje.
Jamaar heeuuuuuuurrrr eens even, khebhaaaaaaast, green time over een kwartier, er wordt op mij gewacht, hoooooorrrrr!!!
Niks mee te maken, achteraan sluiten, mevrouwtje...
De chef!!!!Waar is de manager van deze tent? Halloooooo!!!!! Deze mevrouw weigert mij te helpen. Ik ben een klant, hooooorrrr!
Wat is er aan de hand (blauwe stofjas, vermoeide blik)
Uitleg volgt, de rij scheldt en raast en tiert dat het een lieve lust is, en de filiaalchef zucht: help haar nou maar, dan zijn we van haar gezeik af.
NOU JAAAAAAA! GEZEIK? Ik kom hier nooit meer (applaus stijgt op uit de rij), jullie moeten eens onthouden: de klant is koning!
Bijt de cassiere haar toe: klant is koning, MAAR WINKEL IS KEIZER!
Chef sloft weg en zegt : koning, keizer, admiraal...
Roept "Bernhard" van achter uit de zaak : Een biertje loesten wij allemahl!!!

Een andere, nog anoniemere, held heb ik slechts eenmaal in actie gezien: hij is een echte Amsterdammer, gezet, joggingbroek, gouden ketting, kort, grijs haar, enorme wallen en nasale gruisstem.
Typische Lidltoestand: honderd man met volle karren in de rij voor die ene kassa. Onze held komt binnen, pakt een pak sinaasappelsap en sluit achteraan. Dan begint hij: Ach, mevrouwtje, 'khepmoarunpakkiesienasssssappesap...Hij mag voor. Ach, gabber, eeeeeeeeeennnnpakkiesienasssssapppe...bedankt, gabber!
En zo staat hij binnen een minuut bij de kassa. Waar de sigaretten worden verkocht. Hij pakt twaalf sloffen Goldprince (Lidl Marlboro), stapelt ze op voor de verbaasde cassiere en zegt:
Ach, laat dat pakkiesinassappesap maar zitten, meissie! En gaat dat uitgebreid staan pinnen. Terwijl de hele rij hem uitscheldt, pakt hij de berg sloffen, draait zich om en roept: Faine middag allemaal!

Ik ben benieuwd hoe lang het gaat duren voordat dit gaat opduiken in een of andere reclame. Dat verhaal met die bakker en "ik dacht dat jullie allemaal bij elkaar hoorden" komt ook bij mij vandaan en is ook echt gebeurd (Friese Bakkertje, Groenhazengracht in Leiden, 1992)



txt Ingmar van der Hoek