Telefoon.
Een vriend van me.
Zijn baas, laten we alle beperkingen die een poldermodel met zich meebrengt maar even overslaan, had een verzoek. Er kwam iemand over uit Amerika en die moest even een avondje worden gepamperd. Het idee stond ons meteen aan, maar we wisten niet zeker of de man wel gediend zou zijn van ons 'kind of amusement'.

Hell, let's give it a shot, en zo belandden we om een uur of vier in de middag in café Cuba aan de Nieuwmarkt in Amsterdam, waar we vrij vlot een aanzienlijk gedeelte van het beoogde budget spendeerden aan Mojito's. Met spanning wachtten we 's mans reactie af. We haalden alledrie opgelucht adem, dus de kogel was door de kerk.
Vervolgens serveerden de dames van Nam Kee - net zo chagrijnig en lelijk als de bediening van het iets verderop gelegen Café Bern, maar godzijdank wél gezegend met een gebrek aan hipheid - Pekingeend en flesjes bier. Het werd steeds gezelliger en we vertelden de man over het liberale drugsbeleid van Nederland. Hij was al lang blij dat we niet over Afghanistan en 11 september begonnen, dus hij liet het maar zo.

Zijn eerste oprechte verbazing kwam aan de oppervlakte toen we in een coffeeshop een superpolmpje kochten en het in het café erboven oprookten. Hij rookte mee, Jimbo liet zich niet kennen, en zijn verbazing sloeg langzaam om in bewondering. Hij was zo druk in gesprek met de barvrouw, die uit Iowa kwam, dat het hem ontging dat mijn vriend en ik ruzie kregen met een volledig van weed gesjekelde Ier aan de bar.
Het beetje haar dat hij had, was rood, zijn taal onverstaanbaar en zijn gemoedstoestand ietwat agressief. Hij lachte ons uit, waarschijnlijk had de man op de Wallen nog nooit een Nederlander gezien, en na een half uur schoof hij me een bierviltje toe waarop hij een tekening had gemaakt van een man met een dikke kop en een grote neus.
Voor hij kon zeggen 'That's you,' compliteerde ik hem.
'Nice girlfriend you have.'
Voordat de zaak echt uit de hand ging lopen, zijn we maar opgestapt. 'Where are you going,' gromde de Ier nog op dreigende toon. Ik sloeg hem amicaal op de schouders, de beste manier. 'I have to work,' zei ik.
'Oh,' klonk er lichte bewondering door in zijn rauwe stemgeluid, 'you're a bouncer?'
'No,' zei ik en maakte een fuckie-fuckie gebaar. 'I do Sexshows.'
Onder luid applaus verlieten we de tent en Jimbo zwaaide naar iedereen die hem herkende.

Vervolgens kochten we voor Jimbo een t-shirt met de opdruk 'Just Do Me (Nice) I was in the redlight district Amsterdam.' De opblaasbare penis van een meter lang was op zich best een leuk idee voor onze groene Volkswagenbus waarmee we naar Pinkpop willen afreizen om daar de gemiddelde leeftijd een beetje op te krikken, maar 19 euro was teveel van het goede.

'You like liveshow,' vroeg de vriend van mij aan Jimbo. Die haalde zijn schouders op. Hij had niet zoveel zin in een vrouw die langs een paal gleed en zo. We legden hem uit dat wij daar ook niet zoveel zin in hadden, net zoals heel Amsterdam daar geen zin in heeft en dat daarom in Nederlandse liveshows gewoon wordt geneukt op het podium.
'No way,' zei Jimbo.
Hij geloofde ons niet.
Drie uur en vijf optredens later was Jimbo overtuigd en aan zijn big smile - de eerste oprechte sinds zijn geboorte als Amerikaan waarschijnlijk - te zien, vond hij de magere neger en de dikke Aziatische die een zustertje-doktertje speelden, nog het leukst.

We zetten hem tegen de morgen af voor zijn hotel. Een plastic tasje in zijn ene hand (waarin het t-shirt zat). Zijn andere gebruikte hij om ons half verdoofd van middelen en impressies uit te zwaaien.
'Thank you guys…'
'You are so welcome, Jimbo.'


txt © Remco Regterschot (2001)