Om een of maniakale reden onthoud ik alleen rare momenten van logeren. Okay, ik had ook wel van die logeerpartijtjes vroeger. Bij klasgenootjes of opa en oma. Ik herinner me nog de drie dagen zeilen met m'n opa en oma. Opa heeft me toen leren schaken (bij gebrek aan wind). Na twee dagen had ik al een keer gewonnen. Vond ie niet zo leuk.

Over minder leuke ervaringen met mij als logee gesproken; de volgende verhalen uit mijn studententijd. We spreken de jaren '92-'97 in Amsterdam. Het eerste jaar ga je helemaal los. Zeker als je twee vrienden hebt die op het Rembrandtplein wonen.
De nachtelijke activiteiten op het plein behoeven geen uitleg. Vervolgens een nachtje doorslapen viel soms zwaar. Zo herinner ik me de wekker naast me, die er s'ochtends uit zag alsof er een dik pak sneeuw op was gevallen. Bedekt met een witte laag Febo grillburgers, Oranjeboom bier en Nasi Rames. Volgens het Last In - First Out principe.
Het moge duidelijk zijn dat de eigenaar van de wekker minder blij was, toen het zo lekker knarste onder zijn voeten.

Maar goed, een aantal weken later werd dit verhaal nog eens overtroffen door de nachtelijke escapades van een derde persoon. Over de avond zelf valt niet veel mee te delen. Vooral het einde blijkt niemand meer na te kunnen vertellen. In ieder geval lagen we uiteindelijk met drie volwassen kerels in een krap bedje. De kleren nog aan. Midden in de nacht voelde je al enige nattigheid. Bevestigd, toen eenmaal de eerste zonnestralen door het raam schenen.
Meneer Drie droeg een witte broek, echter s'ochtends doordrenkt met een gelig, doordringend riekend goedje. Alcohol heeft een verdovend effect. Dus rustig opgestaan, de situatie in ogenschouw nemen. Waaruit verder bleek dat meneer ons ook nog een orale verassing had geschonken. Zijn maaginhoud welteverstaan. En zo zaten er drie jongens naar het venster van een wasmachine te staren. Wachtend tot hun kleren schoon genoeg waren voor een nieuwe avond Rembrandtplein.

Uiteraard kon dit niet lang goed gaan. De vrienden gingen uit elkaar en nieuwe mensen dienden zich aan. Zo ook een meisje waar ik nog steeds bevriend mee ben. We mochten bij haar blijven slapen. En zo geschiedde. Totdat ik midden in de nacht wakker werd, kotsmisselijk van een avond Paradiso. De natuur hou je niet tegen, dus een kort sprintje getrokken richting toilet. De volgende complicatie deed zich echter voor. Een onbekend huis, donker en de keuze uit twee deuren met het bekende "vrij/bezet" schuifje onder de deurkruk. Welke moet je dan nemen?
Soms maak je verkeerde keuzes in het leven, waar ik ook achter kwam toen er een ligbad voor mij opdook. Tijd voor herstel was er helaas niet meer.
En net als elke schurk, probeer je na je daden elk spoor te wissen. Wat later niet helemaal gelukt bleek te zijn, gezien het telefoontje. Inmiddels was ik natuurlijk allang en breed verwijderd van de plaats delict. Uiteindelijk heb ik het opgelost door honderd strafregels te schrijven voor het kind. "Ik mag nooit meer in Kristel d'r bad kotsen". Maar het verhaal krijg ik nog steeds met enige regelmaat nog om m'n oren.

Goed, zover memorabele logeerpartijtjes. Je kijkt er op terug met enige schaamte. Maar wat was het een mooie tijd...



text Sander Gaarenstroom (2001)



Dit verhaaltje is een bijdrage in de tweede issue van Moois Magazine, het maandelijkse magazine op webschepper.net. Deze maand het thema 'logeren'.